Archives

zo 17.07.2022 Arpaïs Du Bois, Fabrice Souvereyns, Hannelore Van Dijck, 14:00 — 20:00
Prev
Next

save the date
zo 17.07.2022
met werk van Arpaïs Du Bois, Fabrice Souvereyns en Hannelore Van Dijck

za 19.02.2022 'CASCADE',  Hadassah Emmerich, Ellen Pil, 14:00 — 22:00
Prev
Next

za 19.02.2022
CASCADE met werk van Hadassah Emmerich en Ellen Pil
Salon blanc#50 tijdens de dag van de musea en de galerijen in Oostende

In het oeuvre van Hadassah Emmerich komen thema’s zoals lichaam en identiteit, het zintuiglijke en het sensuele, het erotische en het exotische vaak samen. De sensualiteit van haar schilderkunst schuilt niet alleen in het oppervlak van het beeld, maar ook in haar verfijnde kleurgebruik en technische uitvoering. Sinds 2016 werkt ze met een nieuwe schildertechniek, waarbij ze gebruik maakt van uitgesneden stencils in vinyl, die ze met inkt bedekt en vervolgens op doek, papier of muur drukt. Verwijzend naar de beeldtaal van reclame en pop art, creëert ze beelden die het vrouwelijke lichaam zowel esthetiseren als problematiseren. Ze verbeeldt de paradox van aantrekking en afstoting, intimiteit en afstandelijkheid, verleiding en kritiek. Op die manier slaagt ze erin de handeling van het kijken werkelijk provocerend te maken. (naar een tekst van Nina Folkersma)

Ellen Pil is gefascineerd door de positie van de mens in tijden van verregaande digitalisering, robotisering en massaproductie. In haar artistieke proces verkent ze met haar digitaal archief en grafische programma’s verschillende scenario’s om beelden te maken door voortdurend vormen te schetsen, aan te passen, uit te snijden en te polijsten. Vanuit die digitale studio maken sommige beelden de sprong naar een – veel trager en bedachtzamer – analoog proces en op textiel of hout worden aangebracht. De gekozen materialen en kleuren, de wisselwerking tussen de tweede en de derde dimensie, de kleurverlopen en schaduwen vertellen iets over haar persoonlijke observaties, bizarre verhalen, ongewone anekdotes, fascinerende voorwerpen of verstoorde patronen. Ze laat de mogelijkheden open en lijkt op die manier verwondering aan te sporen.

 

zo 03.10.2021 'De ondraaglijke lichtheid van het bestaan ',  D.D. Trans, Sofie Muller, 15:00 — 20:00
Prev
Next

De ondraaglijke lichtheid van het bestaan
met D.D.Trans & Sofie Muller

The unbearable lightness of being
De ondraaglijke lichtheid van het bestaan

“Hoe zwaarder de last, hoe dichter ons leven bij de aarde komt, hoe werkelijker en waarachtiger het wordt. Omgekeerd, de absolute afwezigheid van last maakt de mens lichter dan lucht, hij stijgt op in de hoogte, neemt afscheid van de aarde en zijn aardse wezen, en wordt slechts half echt, zijn bewegingen even vrij als onbeduidend. Wat zullen we dan kiezen? Gewicht of lichtheid?” – Milan Kundera

In De ondraaglijke lichtheid van het bestaan (1984) blijkt dat de iconische roman niet alleen een verhaal beschrijft, maar de menselijke situatie ondervraagt, er vragen over stelt, het als een raadsel ziet. Er worden slechts flarden over de personages meegegeven, en toch dringt de schrijver Milan Kundera (°1 april 1929, Brno, Tsjechië, woont en werkt in Frankrijk) heel diep tot hen door. Hij kijkt dwars door de hoofden en harten van Tomas, Tereza, Sabina, Franz, Karenin en Simon heen. Hij wil het individuele bestaan doorgronden via een taal die ons van kennis over het concrete leven voorziet. Het boek is een vorm waarin de existentiële binnenwereld van de mens in al haar complexiteit wordt onderzocht en duidt dat heersende maatschappelijke fenomenen niet alles kunnen overheersen, maar dat mensen hun eigen leven ondanks alles gewoon verder leven. Het zijn uiteindelijk dromen, nachtmerries, liefdes, angsten en verlangens die betekenis geven aan het leven.

In deze tijdelijke presentatie van een aantal werken van D.D. Trans (Frank Tuytschaever, °1963, woont en werkt in Ruiselede) en Sofie Muller (°1974, woont en werkt in Gent) worden eveneens verschillende achtergronden en denkbeelden naast elkaar getoond. Hun werken zijn los van elkaar ontstaan en balanceren op ogenschijnlijke tegenstellingen van het alledaagse bestaan. Lastig en luchtig. Zacht en hard. Moeilijk en gemakkelijk. Plastic en marmer. Donker en kleurrijk. Dingen en mensen.

Vanuit twee verschillende perspectieven worden zaken als lotsbestemming en voorbestemming complementair verbeeld en aangereikt. In een minimale opstelling worden werken samengebracht die op het eerste zicht onverenigbaar lijken. Als figuren. Als statements. Als parallelle werelden. Als een eindeloze reeks toevalligheden vol tekens, die zodanig anders zijn dat ze als vanzelf betekenissen lijken te genereren. Metaforen van zwaarte worden net ook plezierige interventies. Dramatische situaties worden niet alleen een grote worsteling, maar ook een humoristische verbintenis.

Er is falen en winnen. Verliezen en wensen. Verwonding en genezing. Twee oeuvres, die afhankelijk van het perspectief een enorme last aanreiken of een groot voordeel bieden. Een zekere zaligheid waar het heerlijk vertoeven wordt. Voor altijd en nooit. Ondraaglijk en licht.

za 07.08.2021 'LE WEEKEND',  Stijn Cole, Gert Verhoeven, 14:00 — 17:00
Prev
Next

LE WEEKEND
met werk van Stijn Cole en Gert Verhoeven

uitzonderlijk is Salon blanc een 2 DAY ART PROJECT:
za 07.08.2021 & zo 08.08.2021

Op za 07.08.2021, vanaf 15:00 tot ongeveer 16:00: performance met massage van de KAMA SUTRA sculpturen van Gert Verhoeven.

An Vanden Broucke van Touché, Kessel-lo zal op een de door Kristof Lauwers aangepaste compositie van “Prélude à l’après-midi d’un faun” van Claude Debussy een zachtaardige maar indien nodig strenge en intensieve massage toedienen aan minstens twee KAMA SUTRA sculpturen van Gert Verhoeven. Voor meer info wat betreft de massages zie www.touchémassages.be.

zo 06.06.2021 'THINGS UNSEEN',  Eric Colpaert, Bert Koeck (GUSTAV), Karl Manovsky, Yves Klein, Sergei Senkin, Edith Campendonk - Van Leckwyck, 13:00 — 19:00
Prev
Next

Bij wijze van toelichting.
by Eric Colpaert

THINGS UNSEEN als titel voor deze tentoonstelling, ontstond als reactie op de titel van een werk van Bert Koeck (Gustav): “don’t tell God your plans”, wat op zich een contradictio in terminis is. God is Almachtig, weet alles nog voor iets zal geschieden, ziet alles nog voor iets zichtbaar wordt.

THINGS UNSEEN betrekken op een tentoonstelling van Hedendaagse Kunst creëert een stijlfiguur die in de buurt komt van een tautologie of een pleonasme. Immers verwacht men iets te zien dat daarvoor niet eerder werd gezien en wel in die mate dat het alledaags vertrouwelijke er d.m.v. beelden een poëtische lading bij krijgt. Het voorheen geziene schiet tekort, verliest als het ware zijn capaciteit om ten volle drager van ‘de’ werkelijkheid te zijn, van ‘alle’ betekenis. Van een raakpunt te zijn waar de zich ontplooiende en ontwikkelende mens zich kan aan optrekken, zich volledig kan in vinden of er zodanig geestelijk of emotioneel duizelig van wordt dat er opnieuw kansen geboden worden om zich te verwonderen en te verruimen.

THINGS UNSEEN vinden we in een bijbelvers: So we fix our eyes not on what is seen, but on what is unseen, since what is seen is temporary, but what is unseen is eternal. (2 Cor. 4:18)
God raadt het af om vast te hangen aan datgene wat kan gezien worden, want wat kan gezien worden is vergankelijk en wat niet gezien kan worden is eeuwig, is Goddelijk.

Om bij stijlfiguren te blijven, is de titel van deze tentoonstelling misschien wel een hyperbool met als redenen de intentie van deze tentoonstelling extra nadruk te geven door te overdrijven en ons heel ambitieus op te stellen.

Kunst wordt soms als een evolutie van de waarneming beschouwd. Daarom blijft kunst verrassen. In eerste instantie de maker er van, de kunstenaar, op de voet gevolgd door de kunstliefhebber, de galerie- en museumbezoeker, de kunstverzamelaar e.a.

Is kunst een voortdurende inwijding in wat niet eerder gezien kon worden? Ik denk het wel. Hoe vreemd, op het eerste gezicht onnatuurlijk, tegenstrijdig, soms choquerend of averechts kunst kan zijn, toont kunst de dingen zoals ze zijn en in de specifieke tijd en ruimte waartoe ze behoren. Kunst toont de eigen tijd en de eigen ruimte. Vooral bij de gratie van de onstandvastigheid, veranderlijkheid en relativiteit van tijd en ruimte.

Het werk van de zes kunstenaars in deze tentoonstelling is daar een voorbeeld van.

Het oudste werk uit het aanbod, dateert uit de jaren 1920 en is van SERGEI YAKOVLEVICH SENKIN (1894 – 1963). Hij was een leerling van Kazimir Malevich en werd sterk door hem beïnvloedt. Anders gesteld…. Malevich werd als één der eersten gegrepen door een andere beleving van tijd en ruimte, in gang gezet door de industriële revolutie van de 19de eeuw. Het zich steeds meer en sneller verplaatsen, sneller handelen, sneller zien en op eenzelfde moment heel veel dingen tegelijkertijd. Hij ontwikkelde een revolutionaire abstracte kunst (en architectuur) met zwevende vlakken, parallel boven elkaar geplaatste composities in gelaagde structuren zonder perspectivische verkorting. Alsof alles vanop een heel grote afstand werd waargenomen vanuit een planetaire ruimte. Wat werd afgebeeld heeft niet langer de schijn van stoffelijkheid van materialiteit. Deze richting kreeg de naam RUSSISCH CONSTRUCTIVISME of SUPREMATISME. Van 1928 tot 1932 was SENKIN lid van de Oktobergroep, samen met kunstenaars die deze strekking elk op een virtuoze manier hebben kunnen verkennen en uitdiepen: Klutsis, El Lissitzky, Rodchenko, de gebroeders Vesnin e.a.

YVES KLEIN (1928 – 1962) ontwikkelde op korte tijd een indrukwekkend oeuvre. Het quasi immateriële en de hoge graad van abstractie bij de Russische Constructivisten, bereikte bij KLEIN een absolute climax in hoofdzakelijk monochrome werken van ultramarijn blauw. Het kosmisch gehalte werd niet langer gemeten met planetaire afstanden van zien, maar van zijn. Een universeel, alomtegenwoordig en grenzeloos zijn. De mens behoort tot de kosmos en is de kosmos. Architectuur voor YVES KLEIN mag geen muren meer hebben en is samengesteld uit schermen van warme lucht. De mens is vrij, vliegt of is gasvormig. Een toppunt in zijn oeuvre was het tonen van ‘niets’. Het project ‘Le Vide’ in de Galerie Iris Clert te Parijs uit 1958, is er een mooi voorbeeld van. De met veel poeha aangekondigde en georkestreerde tentoonstelling bracht 3000 bezoekers op de been die naar ‘niets’ kwamen kijken, blauw gekleurde cocktail dronken en naar het schijnt, het fameuze en gepatenteerde Yves Klein International Blue uitzweetten of urineerden.
Bij mijn eerste bezoek aan Salon Blanc, 7 jaar geleden, trof me de bijzondere en unieke ruimte. ‘Dit’ was eenzelfde ‘vide’ als dat YVES KLEIN kon bewerkstelligen in Parijs, ruim 60 jaar geleden. Hier mag men zo weinig als mogelijk ‘afgeleid’ worden door voorgaande stromingen of uitingen in de kunst die opvallen, indelen, massa of gewicht veroorzaken. De authentieke handtekening van YVES KLEIN kon ik verwerven van de bekende Duitse regisseur, musicus, theaterdirecteur en scenograaf Philipp Kochheim( °1970).
Zoals YVES KLEIN ooit ruggelings op het strand van Nice lag te genieten van de oneindig blauwe lucht,
als absoluut kunstwerk dat hij alleen maar hoefde te signeren, wou ik er bij wijze van hommage, YVES KLEIN de witte ruimte van Salon Blanc en i.h.b.z. de ruimte boven de kasten tot aan het plafond van +/- 5,20 m. hoog, laten signeren.
Een merkwaardig toeval vond ik een week terug. Yves Klein stierf op 6 juni 1961….. onze dag van het ‘one day project’, 59 jaar geleden.
Iets heel onverwacht en van anekdotische oorsprong is de aanwezigheid van de oude ingelijste devotieprent van de Heilige Rita. In 1961, het jaar voor zijn huwelijk en waarin hij zou overlijden aan zijn derde hartaanval, bracht hij anoniem en samen met zijn toekomstige bruid Rotraut Uecker, een bezoek aan het heiligdom van de Heilige Rita van Cascia in Italië. Hij overhandigde de zusters een zelfgemaakte ex voto die pas in de jaren ’80 en omdat het klooster bladgoud nodig had, werd herontdekt.
Het werk bestaat uit een plexi doos met pigmenten ultramarijn en roze, bladgoud, 3 goudklompjes en een gebed. Zijn leven lang had YVES KLEIN een grote devotie voor de Heilige Rita. Hij bad regelmatig tot haar en vroeg opdat zijn werk hem kon overleven en van grote betekenis zou zijn voor de geschiedenis van de moderne kunst. Hij werd amper 31 jaar en maakte op 7 jaar tijd meer dan 1000 werken en installaties, ontwikkelde performances van zo’n kwaliteit en waarde dat hij een plaats kan innemen in het rijtje van de allergroten: Leonardo Da Vinci, Vincent Van Gogh, Marcel Duchamp, Francis Bacon, Bruce Nauman etc.

EDITH VAN LECKWYCK (1889-1987) was een Belgisch Nederlandse kunstenares die in 1916 met haar ouders gevlucht was voor het oorlogsgeweld en in Den Haag onder de indruk kwam van de expressionistische groep ‘Der Sturm’. Ze kreeg een schilderopleiding van Jules Schmalzigaug. Ze ontmoette Wassily Kandinsky en Heinrich Campendonk. Met Heinrich Campendonk trad ze in het huwelijk en zou pas na zijn dood in 1957 zich opnieuw ten volle wijden aan haar kunst. Haar werk kenmerkt zich door een flamboyante expressionistische stijl en impressies van de zee, fauna, flora en van poëtische landschappen. Het gepresenteerde werk ‘Rosendael France’ toont een gehucht nabij Malo les Bains en het geïndustrialiseerde Duinkerke. Op de vlugschets in houtskool heeft de kunstenares aantekeningen gemaakt met potlood over kleurgebruik en perspectief. Deze kan men en met de eigenverbeelding nu zelf invullen.

BERT KOECK (Gustav) Brussel °1971, is een interieur- en meubelontwerper, conceptueel kunstenaar en docent aan de LUCA SCHOOL OF ART BRUSSELS-GHENT. Zijn werk heb ik voor het eerst leren kennen via zijn website www.gustavv.com. Onmiddellijk trof me de originaliteit, de dynamiek, de coherentie, de maturiteit en het eigentijds en avontuurlijk karakter van zijn werk. De opvallende titels zijn zowel humoristisch, misleidend en eigenzinnig.  BERT KOECK misbruikt naar eigen zeggen ‘de techniek’. Hij gebruikt ‘geen Photoshop’, bevestigt hij met klem.
2D-werk kent een braaf productieproces. Een fototoestel wordt op een statief geplaatst. Met een laserlijn beschildert hij bv. een lichaam. Het lichaam beweegt en BERT werkt met verschillende sluitertijden zodat het resultaat gelaagd wordt en men i.p.v. een harde foto ‘iets fluweelachtig’ te zien krijgt. ‘Precies röntgenfoto’s over elkaar’. Funest wordt het wanneer BERT KOECK zich beeldend t.t.z. 3D uitdrukt. Hij ‘misbruikt’ de techniek. Tijdens een scan van een object worden andere standpunten ingenomen of worden de markeringspunten verplaatst. De software wordt daardoor misleid, corrigeert zichzelf, probeert de verschillende opnames samen te stellen, begaat fouten en maakt er uiteindelijk een zootje van. Deze informatie wordt in drie dimensies uitgeprint op de grootte van een foetus. Een hybride wezen dat zijn/haar eerste levensvatbare momenten beleeft in een couveuse en laat vermoeden dat er een aanvang wordt genomen met groei of met een evolutie in een tijd en ruimte die even verstoord zijn als het proces van de ontwikkeling van het embryo.
(wordt vervolgd)

KARL MANOVSKY (Kiev 1973) is van opleiding ingenieur met een specialisatie in aerodynamica en stuurmechanismen van vliegtuigen. Ik leerde KARL MANOVSKY voor het eerst kennen op Ebay. Hij verkocht een deel van zijn UFO-collectie: krantenknipsels, tijdschriften, foto’s en schilderijen. Ik kocht alles wat hij te koop aanbood en we begonnen een intense uitwisseling via mail en Messenger over fenomenen in onze werkelijkheid die altijd heel arbitrair of twijfelachtig werden beschouwd. Zijn vader was afkomstig van Minsk/Belarus en zijn moeder is Frans. KARL MANOVSKY volgde tijdens zijn studies voor ingenieur, avondacademie aan de Vasilenko Art School en had geen carrière als kunstenaar voor ogen. Kort na onze kennismaking op het internet zou KARL naar Asco/Californië verhuizen om voor  Boeing te werken. De twee werken in de tentoonstelling bij Salon Blanc ontstonden met behulp van aanwijzingen en schetsen. Het drieluik toont een Franse kopergravure uit de 18de eeuw. Een zwevende kei (herkomst Le Pradet/Côte d’Azur en bezorgd door een nicht van hem), een spons uit de Middellandse Zee en de kleuren wit, zwart en wit linnen. Yves Klein is niet ver weg en heeft misschien als een ‘geest’ het tot stand komen en de verwerkelijking van het werk, gestuurd of begeleid? ‘Tot stand komen’ wil zeggen ophouden met (te snel) bewegen en daardoor zichtbaar worden.
Het werk dat d.m.v. twee peepholes bij het pand aan de Romestraat 20 wordt getoond, kan hier niet worden beschreven, anders is de pret er af.

ERIC COLPAERT (1959-2052)
Els Wuyts had ik uitgenodigd voor een ‘studio visit’ met de hoop om in Salon Blanc tentoon te stellen. Het viel me op dat Els ‘goed keek’ en het inmiddels gerealiseerd renovatieproject van mijn woning op een verrassende en gevoelige wijze wist te appreciëren.
Dus ‘ja’ en of ik nog enkele kunstenaars wist om mee samen te werken?
Waarom Salon Blanc? Na een afwezigheid van ruim 20 jaar, ben ik mijn lesopdracht aan de LUCA SCHOOL OF ART BRUSSELS-GHENT gestopt om enkele privézaken te regelen en af te werken en me ‘uiteindelijk’ de rest van mijn tijd volledig aan ‘mijn werk’ te kunnen wijden. Ik debuteerde opnieuw bij EMERGENT te Veurne, nam deel aan een groepstentoonstelling in Kaliningrad en in Moscow, toonde werk in Antwerpen en wou Salon Blanc op mijn C.V. Niet alleen omwille van de kwaliteit van dit exclusieve kunstenaarsplatform dat Els Wuyts en Yves Velter hebben opgezet, maar omdat ik die ruimte, die plek zo goed vind.

Eric Colpaert, deelnemend kunstenaar en curator. Oostduinkerke 04 06 2021.
www.ericcolpaert.com

za 13.02.2021 'REASONS TO BE JOLLY',  Tom Poelmans, Peter van Ammel, Bart Vandevijvere, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Salon blanc #46
REASONS TO BE JOLLY

Tom Poelmans
Peter van Ammel
Bart Vandevijvere

Zaterdag 13 februari 2021

Feel welcome, de ruimte wordt aangepast om de verspreiding van het corona-virus te vermijden met een uitgestippeld parcours, in- en uitgang en een beperkt aantal bezoekers.

www.tompoelmans.be
www.petervanammel.com
www.bartvandevijvere.be

wo 11.11.2020 'live streaming: De toevallige Ontmoeting van Donny Dostoyevsky en Kelly Ned op het Ziekbed van Mary Mallon op 11 November // 33 vrouwenreeksen ',  Danny Devos, Anne-Mie Van Kerckhoven, 16:00 — 17:00
Prev
Next

Voor één keer is Salon blanc een virtuele plek tussen dwaling en ontdekking, tussen AMVK en DDV, Anne-Mie Van Kerckhoven (°1951, Antwerpen) en Danny Devos (°1959, Vilvoorde). Ze werken met verschillende invalshoeken, duiken bedachtzaam en scherp in persoonlijke thema’s en schuwen de maatschappelijke reflecties niet. Installaties, filmbeelden, tekeningen zijn beeldende aanleidingen om het over moraal, representatie, taal te hebben. En ook over macht of geweld. En over het mannelijke en het vrouwelijke. Vrouw en man. X en Y en Z.

33 vrouwenreeksen

Ik wilde de maquettes tonen van mijn boek-project “33 vrouwenreeksen”. 

Het zijn vier A3 werk-boeken, liggend formaat, geprint op mijn computer, met plastic Atoma-rondjes gebonden. Dat is gemakkelijk om dingen toe te voegen en weg te halen. De vrouwenreeksen en hun uitleg werden op A3 geprint, op A4 staan al mijn teksten uit de periode van de tot stand koming van elke vrouwenreeks, alle tekstwerken die ermee te maken hebben. We zijn in mijn bureau nu volop bezig met schiften en opzoeken van originelen. Een vijfde boek is een teaser, ook op A3, liggend, die door mijn stagiaire Sean Tay is afgemaakt begin dit jaar. Het hele project startte al in 2015.

Ik wilde die vijf boeken daar leggen ter inzage en desgewenst uitleg geven aan wie iets vraagt.

Toen Salon Blanc me vroeg een van hun dagen te organiseren nodigde ik Danny Devos uit, die voorstelde een speciaal werk te maken voor die dag en plaats. Ik koos ervoor mijn ontwerp-boeken te tonen omdat dit het werk is waar ik op dit moment mee bezig ben. 

Voorjaar 1981, de periode waarin Danny en ik Club Moral oprichtten, heb ik mijn eerste werk met vrouwenreeksen gemaakt. De laatste reeks werd afgesloten wanneer ik mijn eerste retrospectieve tentoonstelling aan het voorbereiden was. 

33

Mei 1981, Kleine Ausstellungraum in Künstlerhaus Hamburg: ik was 29 jaar en zette voor de eerste keer een set vrouwen in om een plastisch, esthetisch-theoretisch traktaat te maken. Het was onder de vorm van een installatie die reikte van het plafond, langs de muur, tot op de grond, uitwaaierend. Ik stelde in vijf rijen vijf begrippen en hun onderlinge verhoudingen voor. De titel van de installatie: Stress = (Proviand + Politik) x (Jugend + Poison). Er was een informatieblad beschikbaar waarop o.a. de vijf rijen van werken werden opgelijst in kernwoorden. Ik presenteer erin de installatie als een programma dat de hersenen bestormt, een veld van informatie en associatie, een manier om de realiteit los te koppelen van de plaats waarop uw geest zich nu bevindt.

Tussen 1981 en 2015 heb ik 33 reeksen met vrouwenafbeeldingen gemaakt. Daarvoor gebruikte ik gedrukte beelden uit erotische pulp magazines tot aan de seksuele revolutie. Later kwamen daar beelden bij uit actuele tijdschriften en uit geschiedenisboeken. 

De vrouwen en hun poses die mij inspireerden, herwerkte ik elke keer volgens een ander systeem. 

Terwijl ik aan een bepaalde serie werkte, filterden zich onderliggende codes uit. Spelenderwijs kwamen logische verbanden aan het licht. Door beelden te koppelen aan abstracte begrippen uit andere domeinen dan de kunst kon ik – ongestoord door kunsthistorische dogma’s – hedendaagse inhoud aan de reeksen geven. Een inhoud die dus het resultaat was van mijn samenspel tussen plastisch en ideologisch materiaal en een gekozen techniek. Eens de mogelijkheden uitgeprobeerd, kwam die bepaalde reeks vanzelf tot stilstand. Elk probleem heeft zijn eigen limieten qua tijd en oplossingen. Het einde van zo’n cyclus bestond vrijwel altijd uit het meest perfecte werk of het meest positieve statement van de reeks. 

In 2015, 34 jaar na de eerste reeks van vrouwen en theorieën, maakte ik de laatste vrouwenreeks met de titel Ruis en Raster. Van april tot eind juli 2015 was ik bezig aan 5 kleinere tekeningen/collages op lieflijk pastelpapier. Ik gebruikte kleurpotlood en pastel, en bic-te ronddraaiende kinderrasters als orbs in de ruimte. Ik kleefde er plastic gezichtsversierinkjes voor kleine meisjes op. Als constante ben ik op elk blad begonnen met een sjabloon voor kamerwandversiering. Op de eerste twee werkjes staat heel veel tekst, de figuren zijn pin-ups. Op andere tekende ik afbeeldingen ontleend aan klassieke schilderijen. Op de laatste word ik door engelen weg gedragen, vanop de schoot van kunstenaar Hugo Roelandt, mijn vriend-mentor die toen in juli stierf. Deze serie van 5 gaat over theorievorming en statement, cultuur als moderne anesthesie. Anesthesie voor het besef dat het leven een massaorganisatie is, die taal en symbolen als geheugen plannende machines inzet. Zowel om het bestaande in stand te houden als om het nieuwe uit te proberen.

Dit telkens naar het nieuwe zoeken wordt in de neurowetenschap novelty seeking genoemd. Het schijnt verslavend te zijn.

(Anne-Mie Van Kerckhoven)

 

za 03.10.2020 'Minimal Morality',  Ronald Ophuis, 14:00 — 20:00
Prev
Next

De tentoonstelling Minimal Morality omvat werken van Ronald Ophuis die o.a. ingaan op de volgende geschiedenissen: De Arabische Lente, de burgeroorlog in Sierra Leone, de situatie van politieke gevangenen in Egypte en het taboe op het krijgen van een miskraam. Ophuis kiest ervoor deze traumatische beelden te schilderen, niet zelden op groot formaat, en zorgt er zo voor dat wegkijken niet mogelijk is. De tijd heelt alle wonden, luidt het (Nederlands) spreekwoord. Volgens Ophuis is het noodzakelijk en urgent om ervoor te zorgen dat het niet altijd gebeurt. Als pijnlijke geschiedenissen geen pijn doen bij mensen die niet direct getuigen waren dan ontwikkelt de samenleving zich richting een verkeerd historisch besef en een schuldeloze moraliteit, want het is kinderspel om verraders te vinden en gewetens te corrumperen. We moeten niet voorkomen dat mensen slachtoffers worden, maar er moet voorkomen worden dat mensen beulen worden

In zijn werk speelt de vraag: hoe willen we ons herinneren, welke beelden mogen deel uitmaken van ons collectieve bewustzijn.

Er is altijd een spanning tussen aantrekking en afstoting in het werk van Ophuis: de schilderijen bevatten een schoonheid maar veroorzaken tegelijkertijd een huivering. Met zijn kenmerkende verfbehandeling en nauwgezette composities maakt Ophuis strategisch gebruik van wat de mogelijkheden van de schilderkunst hem bieden. Maar de onderwerpen die hij kiest, zijn vaak confronterend, in de verwachting dat de kijker een standpunt inneemt over wat wordt afgebeeld. Via de emotie maakt hij van de kijker een betrokken getuige en daagt deze daarmee uit zich te verhouden tot de inhoud van het werk.

zo 21.06.2020 Henk Delabie, Roeland Tweelinckx, 11:00 — 16:00
Prev
Next

Een gedeukt brandbusapparaat en een omgekeerde vaas op een sokkel op een kast. Een blinkende kromming op de vloer en een rustende balk tegen de grote wand. Een betonnen unit in de gang, een tl-lamp op een halfzwevende plank of een reeks architectuurelementen in karton op de tafel.

De eenvoudige en terloopse ingrepen met alledaagse voorwerpen die de kunstenaars in de ruimte aanbrengen, verwonderen en doen reflecteren. Henk Delabie en Roeland Twelinckx heffen tegenstellingen op en doorprikken verwachtingspatronen. Het zijn sculpturale interventies in een open ruimte die een vorm van frictie genereren en in een tijd na deze lockdown verrassend verfrissend zijn.

Visuele en conceptuele twists verwarren uitnodigend, statisch en beweeglijk, verankerd en vrij.

Salon blanc is tijdelijk aangepast om de verspreiding van het corona-virus te vermijden met een uitgestippeld parcours, in- en uitgang, een beperkt aantal bezoekers en de aanwezigheid van veiligheidsmaatregelen.

Feel welcome.

Meer info:
Henk Delabie &
Roeland Tweelinckx

za 15.02.2020 'ZINTUIN',  Hilde Overbergh, Alice Vanderschoot, 14:00 — 22:00
Prev
Next

Tijdens de Nacht van de Musea en de Galerijen brengen Hilde Overbergh (°1964, Leuven) en Alice Vanderschoot (°1989, Zwevezele) voor één dag installaties, schilderijen, sculpturen en allerlei beeldend materiaal uit hun ateliers naar Oostende. In Salon blanc is er ruimte voor een gesprek met de kunstenaars om 14:00 en loopt de tentoonstelling onder de titel ZINTUIN door tot 22:00.

zo 03.11.2019 Franz Anaïs, Filip Vervaet, 11:00 — 16:00
Prev
Next

tentoonstelling met werk van Franz Anaïs en Filip Vervaet
gesprek met de kunstenaars om 11:00

 

za 14.09.2019 Lieven Decabooter, Karin De Vylder, Juanan Soria, Nele Van Canneyt, 16:00 — 20:00
Prev
Next

De beeldende en verhalende lijnen van kunstenaars Lieven Decabooter (Wevelgem), Karin De Vylder (Oostende), Juanan Soria (Gent) en Nele Van Canneyt (Kortrijk) voor 1 dag in 1 geheel…

za 15.06.2019 Joke Raes, Steven Peters Caraballo, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Duizelend en wankelend: de organische beeldtaal van Joke Raes (°1983, woont en werkt in Gent) is die van het amazonewoud, van de woekerende, wriemelende natuur waarin de mens één soort is te midden van honderdduizenden andere waarbij ze er toch in slaagt om het overzicht te bewaren, alsof ze de facetogen van een libelle heeft geleend om ook in volle vlucht nog precies te weten waar ze zich bevindt.

En ook bij het eerste contact met het oeuvre van Steven Peters Caraballo (°1978, woont en werkt in Hasselt) lijk je omver geblazen te worden. Je denkt meteen te weten wat je ziet, maar bij nader toezien weet je het echter helemaal niet meer, je oorspronkelijke, prille zekerheid verandert in een soort illusionaire wereld. Zijn onderwerpen lijken te wijzen op geluk of nostalgie, maar toch is er die bepaalde logische verwachting die gepaard gaat met een onderhuidse dreiging.

 

za 30.03.2019 'Een dag in Oostende',  Frederic Geurts, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Zwaartekracht en beweging zijn twee elementen die het oeuvre van Frederic Geurts beïnvloeden. Het zijn fenomenen waarin hij tegelijk ook de menselijke conditie in herkent en zichtbaar worden in zijn monumentale en fragiele structuren en installaties. Het gaat om de wankele, kwetsbare momenten tussen behoud en verlies, tussen vastheid en vloeibaarheid, tussen tastbaarheid en verdwijning, tussen aarde en hemel.

za 16.02.2019 Max Kesteloot, Simon Laureyns, Yoann Van Parys, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Salon blanc

De beeldende en verhalende lijnen van kunstenaars Max Kesteloot (Oostende), Simon Laureyns (Gent) en Yoann Van Parys (Brussel) voor 1 dag in 1 geheel, tijdens de Nacht van de Musea en de Galerijen in Oostende.

Nacht van de musea en de galerijen

za 26.01.2019 'voorstel voor een monument',  Philip Van Isacker, 16:00 — 20:00
Prev
Next

voorstel voor een monument
Philip Van Isacker

JACOPO’S VERLOREN MEESTERWERK

Gedurende de laatste 11 jaren van zijn leven, tussen 1546 en 1557, werkte Jacopo Pontormo aan wat zijn laatste werk en zelfs zijn magnum opus zal worden. In het koor van de San Lorenzo in Firenze realiseert hij een fresco-cyclus met als onderwerp diverse thema’s uit het Oude Testament. Twee grote taferelen domineren het geheel: links de zondvloed en rechts de opstanding uit de doden.

Wat ook het onderwerp is dat wordt voorgesteld, elk tafereel is gereduceerd tot het naast elkaar samenbrengen van naakte lichamen zonder enige ruimtelijke context. Jacopo werkte eraan in volledige afzondering en niemand behalve zijn directe helpers kreeg het werk in wording te zien, zelfs niet de opdrachtgever, Cosimo de Medici.

Bij de onthulling overheerste onbegrip, niet alleen over het ongewone samenbrengen van de verschillende onderwerpen maar vooral over de manier waarop orde, maat, perspectief en tijd afwezig zijn en enkel lichamen overblijven, als in een kosmisch niets.

Twee honderd jaar later in 1738 worden bij herstellingswerken aan het transept van de kerk de fresco’s onherroepelijk vernietigd tot opluchting van de tijdgenoten. Wij kennen het werk enkel van de beschrijvingen van vooral Vasari en het handvol voorbereidende tekeningen van Jacopo zelf die in het Uffizi museum bewaard worden.
Jacopo’s tekeningen, vooral die over de zondvloed, werden het vertrekpunt voor mijn voorstel voor een toekomstig monument.

VOORSTEL VOOR EEN TOEKOMSTIG MONUMENT

Zolang de schande voortduurt dat mensen, wanhopig op zoek naar een leven dat waard is om geleefd te worden, aan hun lot worden overgelaten ook al kan dat hun dood betekenen, zolang is het de tijd voor directe actie.
 Als ooit deze schande ophoudt te bestaan dan is misschien het ogenblik gekomen voor een monument, een teken dat wil herinneren aan wat gebeurde en wat nooit meer mag vergeten worden.

Het monument staat op een kade, voor de zee.

Philip Van Isacker (°1949) studeerde rechten en kunstgeschiedenis aan de Universiteit Gent. Pas later werd hij schilder, beeldhouwer en conceptueel kunstenaar. Hij kende zijn definitieve doorbraak in 1986 toen hij deelnam aan Chambres d’amis in Gent en gaf tot 2014 les aan Luca School of Arts in Gent. Aanvankelijk maakte hij geometrische vormen in uiteenlopende materialen, zoals marmer, metaal, papier en klei, terwijl in recenter werk ook organische en menselijke elementen verschijnen naast videobeelden. Deze verschillende materialen en de diverse manieren van werken geven vorm aan een dialectische confrontatie tussen het klassieke beeld en de aanvaarding van twijfel. Elke eindtijd heeft telkens een voorlopig resultaat: alleen het onvoltooide kan compleet zijn.

Philip Van Isacker werkte eveneens aan het boek ‘De sculptura’, een bundeling van een reeks beschouwingen over sculpturen, die kunnen leiden tot een inzicht in de beeldhouwkunst. Het zijn kunstwerken die hier en nu inwerken op onze geest en onze verbeelding zoals de ontelbare andere beelden en afbeeldingen die ons omgeven dat doen. Dat de beeldhouwkunst, meer dan elke andere kunstvorm, erin slaagt om ons te blijven boeien over de grenzen van tijd en ruimte heen, heeft te maken met het gegeven dan de traagheid van het medium waardoor de inhoudelijke uitweidingen wegvallen en het beeld als resumé van de werkelijkheid overblijft. Het is zijn overtuiging dat het precies daarom mogelijk is om te schrijven over beeldhouwkunst in diezelfde geest van openheid naar een groter en onbevangen publiek, zonder voortdurend terug te vallen op de gebruikelijke conventies die de kunstwerken vaak eerder afsluiten dan toegankelijk maken.

za 29.09.2018 Lysandre Begijn, Chantal Grard, Leen Vandierendonck, 16:00 — 20:00
Prev
Next

zaterdag 29 september 2018
tentoonstelling met werk van
Lysandre Begijn
Chantal Grard
Leen Vandierendonck

Lysandre Begijn (1977, woont en werkt in Gent) studeerde beeldhouwen aan het KASK in Gent, en ondertussen vormen schilderijen de ruggengraat van haar oeuvre. Haar doeken lijken op het eerste zicht abstract hoewel de kijker er eveneens herkenbare vormen of gezichten in kan herkennen. Het lijken wel oerbeelden die veruitwendigd worden in kleurrijke vormen en die opgestapeld en als transparante sluiers over en op het doek worden aangebracht. Ze creëert als het ware een imaginaire wereld, waarbij fantasie, het onderbewuste, intuïtie en een innerlijke gedachtegang aanleiding zijn voor composities in vorm en kleur, die ze organisch en ‘net niet’ symmetrisch construeert. Een kleurrijke echo aan archetypische beelden, exotische landschappen, ornamenten uit oude culturen, de planten- en dierenwereld.

Het plastisch werk van Chantal Grard (1970, woont en werkt in Koksijde) vertrekt van organische vormen. Haar sculpturen zijn gemaakt in klei, gips, paraffine, was en brons en situeren zich in een boeiend spanningsveld tussen abstract en figuratief. Elk materiaal heeft zijn eigenheid en biedt de beeldhouwer specifieke mogelijkheden. Contrasten tussen ruwe en gladde oppervlaktes blijven een interessepunt. De zachte glooiende vormen in haar werk verwijzen naar menselijke rondingen en naar groeistadia van mens, dier en plant. Ze speelt met organische vormen, die associaties oproepen met bestaande elementen, maar die toch duidelijk afwijkingen vertonen. Met hun suggestieve rondingen, verwijzen haar werken naar thema’s als vruchtbaarheid en groei, uitzetten en krimpen maar evenzeer naar de tegenpolen: rotten, afsterven, vergaan.

Het zoeken naar een ideale structuur is wat Leen Vandierendonck (1971, woont en werkt in Maarkedal) motiveert in haar tekeningen en schilderijen. Ze zijn een soort intuïtieve wiskunde, gebaseerd op verzamelingen en geruite of gekleurde vlakken die ze in een tweedimensionaal perspectief ordent. De kleur raakt aan het onbewuste, het intuïtieve en werkt in op de emotie. Het verdiept de poging tot ordening en verbindt met het collectief bewustzijn. Haar werken ontstaan in reeksen en worden verzamelingen rondom één bepaald uitgangspunt zoals materiaalgebruik, plaatsing in de ruimte of compositie. Ze vergelijkt haar beeldende zoektocht met die van de fysici. “Ik zoek, net als zij, naar het tastbaar maken van wat we niet zien, de ideale structuur, de perfecte verzameling in een wereld die een simulatie kan zijn en daardoor in de kern misschien zelf niet tastbaar is.”

za 28.07.2018 'Wankelmoed',  Fik van Gestel, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Fik van Gestel
Wankelmoed

“Ik heb dertig jaar lesgegeven,” aldus Fik Van Gestel (geboren in 1951 in Turnhout, woont en werkt in Gierle) in een interview voor H ART in 2013, “maar ik kan nog altijd geen handleiding formuleren om te schilderen. Het blijft een mysterie hoe je een schilderij maakt”, zegt hij. Over de oorsprong kan hij wel iets vertellen: “De eerste impulsen komen van de directe omgeving. Dikwijls is het iets uit de natuur, maar het kan ook een fysiek ongemak zijn dat ik probeer te schilderen. Ik vertrek van foto’s, herinneringen, een sfeer, een stemming. Dan maak ik aquarellen. Door altijd opnieuw te aquarelleren, wordt het stilaan een autonoom beeld. Wat me het meest prikkelt, is toch die vertaling maken naar het schilderij, een schilderkunstig gebeuren van kleur, licht, vormen.”

za 09.06.2018 'The Selection',  Karin Hanssen, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Karin Hanssen
The Selection

Salon blanc, een ‘one day art project room’, toont tentoonstellingen waarvan de duur beperkt wordt tot één moment. Tijd speelt in het werk van Karin Hanssen evenwel een grote rol en is prominent aanwezig in de vorm van de terugblik die gevangen zit in elk schilderij. De beelden die ze maakt zijn gebaseerd op gevonden fotografisch bronnenmateriaal uit het verleden die ze transcribeert naar het canvas. Deze verplaatsing in tijd en medium heeft een enorme impact op de lezing van het beeld en vooral op de tijdservaring, zonder dat het beeld zelf ingrijpend verandert. Een foto is een vluchtige getuigenis van een vastgelegd moment uit het verleden, een schilderij is dat niet. Een schilderij heeft een trage lezing. Het heeft die directe band met de werkelijkheid niet, wel met de kunstgeschiedenis, met het verleden, het heden en de toekomst . Door die ingrijpende transformatie in de lezing en betekenis van een beeld, die vooral door de context bepaald wordt en niet zozeer door ingrepen in de index van het beeld, grijpt ze het moment van Salon blanc aan om dat korte moment, die ene dag, te verlengen door er een tijdsblok aan vast te klinken. Een tijdsblok zoals een schilderij dat ook meedraagt in de vorm van de kunstgeschiedenis waar het deel van uitmaakt.

za 17.02.2018 'I spy with my little eye',  Nadia Naveau, 16:00 — 22:00
Prev
Next

Save the date
tentoonstelling
Nadia Naveau

De beeldhouwster Nadia Naveau experimenteert in haar oeuvre met vormen, materialen en kleurgebruik. Voor haar sculpturen put ze inspiratie uit verschillende contexten en kneedt die samen tot een vreemde, eigenzinnige iconografie. Ze creëert zowel levensgrote als zeer kleine sculpturen en boetseert die doorgaans uit klei. Vervolgens realiseert ze een beeld in de meest uiteenlopende materialen: gips, keramiek, polyester, beton, of plasticine.
In haar oeuvre verenigt Nadia Naveau naadloos vormen en iconografie van de oudheid met die van onze hedendaagse maatschappij, waarbij ze de grenzen aftast tussen het figuratieve en het abstracte, het barokke en het gestileerde, het hedendaagse en het klassieke.

Ondertussen is het ook ‘De Nacht van de musea en de galerijen’ waarbij een aantal Oostendse galerijen en musea hun deuren open zetten. Volg het verlicht parcours en laat je meevoeren: klik hier voor meer informatie.

“I spy with my little eye…” toont op verschillende manieren het tijdsverloop in ons kijken naar beelden. De figuur die op de grond ligt en de blik stuurt bij het binnenkomen, lijkt zich in stukken te tonen. Hij laat zich door het perspectief en de stappen van de kijker uitrekken en weer samenbrengen tot wat lijkt op een leesbaar geheel. Nadia Naveau’s beelden veranderen en verbuigen zich in de wandeling van de kijker. In haar sculpturale collages, overwoekeren losse elementen elkaar tot ze plots zonder duidelijk aanwijsbare reden in elkaar passen. Als Nadia over haar werk spreekt imiteert ze met haar handen de vormen die ze aanwijst, en volgt de ene na de andere anecdote over toevallige ontmoetingen van objecten, stukken en brokken. Ze kijkt minutieus naar kleur, textuur en compositie en boetseert daarmee onze kijkervaring. Dat plastisch Fingerspitzengefühl en haar “spy-eye” mengen zich met onderdelen die herkenbare referenties dragen, tot haar vrije opstellingen en dense figuren op zichzelf recht blijven staan. Het creatieproces lijkt zich op die manier verder door te trekken in de kijker die gepuzzeld en verrast kijkt naar technische vaardigheid die zijn handen leent aan sterke intuïtie.

Aangestoken door de fresco’s van Goya, bewegen schetsmatige toetsen vrij rond in sterke composities. Als om alle papillen van perceptie aan te scherpen, tarten haar vormen onze verwachting van schaal en perspectief. Kleine gevonden tekeningen worden opgeblazen en drie dimensionaal gemaakt in een ontregeling van ruimtelijkheid en representatie. Hetzelfde gebeurt in de spiegelende vlakken, de bas-reliëfs en in de sculptuur die draait om zijn as. Het lijkt wel of Oskar Schlemmer zachtjes verder ademt in Naveau’s gestileerde, deels geometrisch geworden figuren en in het spel van theatrale dimensie. Hoewel de sokkel vaak decor is voor de sculptuur, verheft Nadia hem van drager tot onderdeel van het werk. Kleine arena’s voor kleurtoetsen brengen spel en afgemeten precisie samen, en maken alweer op een andere manier de constructie van een beeld tastbaar.

Céline Mathieu

zo 05.11.2017 'ASA NISI MASA',  Bart Baele, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Bart Baele (°1969) is een schilder, woont en werkt in de buurt van Gent (België). Zijn oeuvre lijkt een vermenging van spanningen, bitterheid en een vreemde zachtheid. Hij hanteert titels die zowel literair als beknopt zijn, zoals “Petite Céramique pour le chef culture”, “Ensor ontgraven” of “Schopenhauer + mother” Hij vertaalt in zijn schilderijen, sculpturen en installaties een lijdensweg die hij sublimeert via een vreemde schoonheid die niet verstoken is van enige spiritualiteit. Hij creëert zijn oeuvre in een bepaalde wanorde, waar hij van het ene werk naar het andere verwijst, zijn tijd neemt, zijn wereld vormt. Het is een weg waarin hij elk schildersdoek lijkt binnen te gaan, mogelijke paden doorzoekt, verdwaalt en zich soms keert naar het licht…

 

zo 10.09.2017 Peter De Meyer, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Peter De Meyer stelt zich op als een aandachtig waarnemer van zijn omgeving en onderzoekt het complexe proces van observatie en perceptie door middel van verschuivingen in context en betekenis. Een groot deel van zijn werken vertrekt van de gedachte dat objecten, ideeën en situaties zowel in het individuele als in het collectieve geheugen aan associaties verankerd liggen.  Door middel van subtiele ingrepen en creaties doorbreekt hij bepaalde verwachtingspatronen en creëert hij de voorwaarden om het onzichtbare zichtbaar te maken.

Het werk neigt naar het conceptuele maar behoudt steeds een narratieve structuur. Dit is onder meer het geval wanneer hij reflecteert over de codes en systemen in de kunstwereld en zijn positie als kunstenaar. Zo stelt hij het speculatieve karakter van de kunstmarkt en de kunstkritiek in vraag zonder zijn opdrachtgevers, zichzelf of zijn publiek te schuwen.

vr 30.06.2017 'Comme à Ostende',  Michaël Aerts, 18:00 — 22:00
Prev
Next

vrijdag 30 juni 2017
tentoonstelling
18:00 — 22:00
artist talk Michaël Aerts & Frank Maes
18:00 — 19:00

Michaël Aerts maakt sculpturen, tekeningen en performances, waarbij referenties aan het cultuurhistorisch verleden een uitgesproken rol spelen. Belangrijk daarbij is het onderzoek naar het potentieel van de symbolen, de codes, de vormen en functies van dat erfgoed voor de kunst, de kunstenaar en de mens van de 21ste eeuw.
Michaël Aerts’ monumentale sculpturen zijn vormelijk gebaseerd op historische modellen (zoals het borstbeeld of de obelisk) en worden meestal uitgevoerd in flightcase-materiaal dat ook gebruikt wordt voor transportkisten. Op die manier wordt de typisch hedendaagse dimensie van mobiliteit op een aloud model van beeldhouwkunst geprojecteerd. In zijn oeuvre verwerkt Michaël Aerts ook het thema ‘verpakken’, waarbij de verpakking symbool staat voor het tijdelijk verbergen van een object ten behoeve van de migratie ervan, van de ene plek naar de andere, van de ene periode naar de andere, van de ene cultuur naar de andere.
In een tijdperk waarin alles uitermate mobiel lijkt, waarin allerhande codes en betekenissystemen die eigen waren aan een bepaalde cultuur of subcultuur (van louter artistiek tot maatschappelijk), en die vaak op stabiliteit waren gericht, continu verschuivingen ondergaan, wil Michaël Aerts als kunstenaar nadenken over hoe we met ons rijk patrimonium kunnen blijven omgaan.

In deze editie van Salon blanc wordt nieuw werk gepresenteerd ‘voor één dag’ en gaat Michaël Aerts (om 18:00) in gesprek met Frank Maes, kunsthistoricus, initiatiefnemer en curator van EMERGENT in Veurne, voormalig wetenschappelijk medewerker aan S.M.A.K. in Gent. De tentoonstelling loopt verder tot 22:00.

za 11.02.2017 Maria Blondeel, Leen Van Tichelen, 16:00 — 22:00
Prev
Next

De projecten van kunstenares Maria Blondeel (1963) onthullen een aanpak in verschillende disciplines om de veelkleurigheid van onze dagelijkse wereld uit te drukken. De schoonheid van onverschilligheid die door immateriële verschijnselen als licht en geluid uitgeoefend worden, heeft haar tot akoestische begrippen gebracht, onder invloed van de recente technologie, computerprogramma’s en geluidssystemen. Haar interesse in interactiviteit leidde haar naar het verkennen van de relatie tussen beeld en geluid door middel van methoden van sonificatie. Haar liefde voor de experimentele muziek moedigde haar aan om kans-bewerkingen aan te wenden in fotografie, computergestuurde apparaten toe te passen in de visuele media en haar beelden te gebruiken voor geluid genererende apparaten. In haar beeldend werk deconstrueert Maria Blondeel aleatorische processen in kleurrijke installaties met de wens om de ervaring van de waarnemer te herstellen. Om te leren van de natuur voegt de kunstenares geluid, beeld en technologie samen in één illusievolle interactie waarbinnen de tijd van de tentoonstelling en de incidentele tijd van de bezoeker actief versmelten. Hoewel ze op grote schaal technologie gebruikt in haar werk, domineert het nooit. Haar oeuvre laat een opmerkelijke poëtische en picturale indruk na.

Leen Van Tichelen (1981) studeerde schilderkunst aan Sint Lucas in Gent en ruilde kort nadien het schildersdoek in voor papier. Een veel kwetsbaarder materiaal om op te werken, maar ook een drager die haar meer mogelijkheden biedt. Ze tekent en schildert op papier in alle soorten en maten: kleine blaadjes uit een ruitjesschrift dienen soms als basis voor bevreemdende collages waar ze vervolgens verder op tekent. Maar evengoed tekent ze in houtskool op grote lappen bruin pakpapier. Ze toont haar papieren werken liefst in al hun kwetsbaarheid: zonder kader aan de muur genageld, of zelfs vrij in de ruimte hangend. Aanleiding voor haar werken is steeds een directe prikkel uit de realiteit: een nieuwsbericht, foto’s, fragmenten uit boeken, flarden muziek of een ontmoeting. Vooral onrechtvaardigheden en misstanden treffen haar.

zo 01.05.2016 Johan Gelper, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Wat opvalt in het werk van Johan Gelper, is zijn speelse manier om te traceren. Hij volgt, ontdekt, tekent, benadrukt die beweging die de immateriële wereld lijkt te verbinden met de werkelijkheid van tastbare dingen. De geestelijke wereld van ideeën en gedachten die elkaar aantrekken en afstoten, raken en loslaten, openen en sluiten, krijgt in Gelpers werk verrassende vormen.

Deze vormen ontstaan door de omgeving af te tasten, te bekijken en aan te voelen. Verhoudingen kleuren het spel van toestaan en vermijden. Gevonden objecten worden met elkaar gecombineerd in een nieuwe situatie. Verbindingen worden met een uitzuiverende nauwkeurigheid toegevoegd. Op geen enkel moment zal de kunstenaar daarbij het toevallige karakter van speelse elementen miskennen. Integendeel zijn humoristische kijk op de inbreng van het menselijk pogen om de wereld te vatten, een onvermoeibaar graven in materialen en technieken, geven het werk een blije uitstraling. Bewonderenswaardig is Johan Gelpers esthetisch gevoel om de zuiverheid der dingen in beeld te brengen.

In Gelpers vormgeving worden sporen van ons denken in de ruimte belichaamd. De ruimte zoals Gelper laat zien, geeft richting aan ons denken en handelen: voor staat in verbinding met achter, boven plaatst zich tegenover onder, diepte en oppervlakte vullen elkaar aan, snelheid toont de relativiteit van het stilstaan, enz.

De schoonheid van zijn werken spreekt uit de dynamische – geen statische dus, maar levendige balans in het samenspel tussen wat de mens maakt en veroorzaakt en wat hem vormt of sturing geeft.

Lief Brijs, 2016

photo by: Saskia Vanderstichele naar aanleiding van het mei-juni-nummer van OKV (Openbaar Kunstbezit in Vlaanderen)

za 13.02.2016 'Tekeningen op papier',  Joris Ghekiere, 16:00 — 22:00
Prev
Next

In het beeldende universum van Joris Ghekiere is geen sprake van een te ontsluieren of ontcijferen geheim: zowel zijn figuratieve of abstracte schilderkunst binnen zijn oeuvre, als zijn nieuwe reeks tekeningen wekken de indruk een volkomen op zichzelf staande wereld te vormen. Ze zijn gemaakt op chinees papier in standaard formaat met beperkte kleuren, waarin hij de meest uiteenlopende beelden bijeen brengt. Hij gebruikt hiervoor vaak niet-conventionele methoden, zo plaatst hij bij de start van het schilderproces het papier op een draaitafel om met spuitverf concentrische cirkels aan te brengen, of worden de bladen in een bad gelegd of het penseel aan een boormachine gehecht. De kunstenaar is de dirigent, hij regelt de mechanisch aangestuurde motoriek en probeert dan los te laten, de handelingen te laten gebeuren. Er zit een zekere onverschilligheid in Ghekieres kunst, waarbij de balans opgezocht wordt tussen de neutraliteit van de geste én het uiteindelijke effect op papier. De kunstenaar observeert en luistert naar het materiaal en het gevolg kan een zekere expressie zijn. Het enige wat de kijker rest is kijken en ideeën of gedachten projecteren. Zo kunnen de uitdeinende cirkels het gevoel wekken dat de tekeningen veranderlijk en beweeglijk zijn en lijken de perspectivische strepen op een bepaalde manier diepte-illusies en psychedelische effecten creëren. Zo wordt schoonheid door Ghekiere zowel letterlijk als figuurlijk in een ander perspectief geplaatst. En lijkt de onvatbaarheid ervan deze reeks tekeningen uit te dagen.

 

za 05.12.2015 'Echoes and Dust / b.',  Veerle Beckers, Harlinde De Mol, 18:00 - 22:00
Prev
Next

In deze tentoonstellingen komen twee kunstenaars elkaar tegen; hun werk, zichzelf en elkaar. Die ene winterse dag krijgt de mens en het huis, de installatie, de tekening en het schilderij ruimte voor ontmoeting.

Veerle Beckers
Echoes and Dust

Veerle Beckers woont en werkt in Gent. Haar werk gaat, op een eenvoudige, maar heldere en directe manier, over het schilderen zelf. De figuren die Veerle Beckers, aan de hand van verschillende tradities en technieken, gebruikt in haar schilderijen zijn vaak alledaags in die zin dat ze ons vertrouwd voorkomen: een hoek van een tapijt, vlagjes, bladeren van een plant, een mandje, een briefomslag, een vlieger, een stukje textiel,… Deze beelden worden op uiteenlopende manieren tegen het licht gehouden en komen vervolgens via het medium verf op een geabstraheerde wijze op het doek terecht. Ze krijgen er een nieuwe kleur en glans, waardoor ze afstand nemen van de realiteit zonder deze volledig los te laten.

Harlinde De Mol
b.

Harlinde De Mol denkt in haar tekeningen en installaties na over de (on)mogelijkheid van het mens-zijn. Ze geeft aandacht aan de problematiek van de mens als een object: enerzijds is de mens geladen met alle niet-tastbare dingen die we meedragen, gaat hij/zij gebukt onder allerlei oncontroleerbare dingen die op ons inwerken; anderzijds bestaat de mens uit materie, het vlees waaruit we bestaan, de mal waarin ieder van ons ingesloten zit. Deze materie houdt tegelijk ook onze sterfelijkheid in, het verval waar we niet kunnen aan ontlopen. De lichamen die ze tekent of de ruimtelijke elementen die ze installeert, zijn zowel slachtoffers van dit noodlot, als boodschappers van de schoonheid die deze vergankelijkheid inhoudt.

za 24.10.2015 'Attached',  Wesley Meuris, 16:00 — 20:00
Prev
Next

Het werk van kunstenaar Wesley Meuris (°1977) heeft een sterk architecturaal of zelfs wetenschappelijk karakter en laat zich niet makkelijk ontvouwen. Zijn sculpturen en installaties gaan vaak gepaard met tekeningen en analytische schema’s ter versterking van het ‘tonen’ van de dingen. Het lijkt of hij ons het ‘zien’ of ‘observeren’ wil tonen, en daarenboven vraagt het ons toe te eigenen: een zwembad, een vitrinekast, een notitieblok, een promotiecampagne.

Wesley Meuris gebruikt als het ware de esthetiek van de heldere lijn, de scherp gedefinieerde vorm, waarbij de objecten die hij maakt of afbeeldt ons zeer vertrouwd lijken. Ogenschijnlijk is er dus niets aan de hand tot je als kijker begint te beseffen dat dit schijnbaar kraakheldere, transparante universum misschien uit niets anders dan die lijnen en vormen bestaat, niets dan een oppervlak.

Met de recente werken van Wesley Meuris, besteedt hij bijzondere aandacht aan de architecturale context van toespraken als lezingen, colleges, symposia en cursussen.

“De gehanteerde beeldtaal verraadt iets van het obsessief verlangen naar transparantie. In het Duits bestaan er twee woorden voor representatie: Darstellung en Vertretung. Darstellung staat voor de manier waarop iets voorgesteld of geportretteerd wordt, terwijl Vertretung een politieke lading dekt, in de zin van ‘vertegenwoordiging’ of ‘spreken in naam van’. Beide kunnen onmogelijk bestaan in hun zuivere vorm, maar zijn steeds met elkaar verweven, zoals de retoriek van het beeld met die van het woord. Meuris legt zich toe op de technieken en procedures van communicatie, en dus ook op die van kennisoverdracht en politieke overtuiging. In zijn herkenbare, geraffineerde stijl deconstrueert hij de dubbele bodem van de representatie steeds verder, zoals hij het overigens altijd gedaan heeft.” (naar een tekst van Pieter Vermeulen)